artikel

Wanneer mag ik mijn product ‘volkoren’ noemen?

Dossiers

Een naam geven aan een product mag niet zomaar: daar zijn wettelijke regels voor. Zo moet de naam duidelijk maken om wat voor product het gaat. Ook mogen consumenten niet worden misleid over de aard en samenstelling van het product. De naam ‘volkorenbrood’ is wettelijk vastgelegd, de term ‘volkoren’ voor bakkerswaren en banket niet. Wel gelden er voor deze producten richtlijnen om misleidende naamgeving te voorkomen.

Wanneer mag ik mijn product ‘volkoren’ noemen?

Een naam geven aan een product mag niet zomaar: daar zijn wettelijke regels voor. Zo moet de naam duidelijk maken om wat voor product het gaat. Ook mogen consumenten niet worden misleid over de aard en samenstelling van het product. De naam ‘volkorenbrood’ is wettelijk vastgelegd, de term ‘volkoren’ voor bakkerswaren en banket niet. Wel gelden er voor deze producten richtlijnen om misleidende naamgeving te voorkomen.

Brood
In het Warenwetbesluit Meel en brood worden een aantal wettelijk vastgelegde aanduidingen genoemd. U hoeft deze niet te gebruiken, maar als u dat doet, moet het brood wel aan de gestelde voorwaarden voldoen.

Volgens de definitie van volkoren in artikel 16 van het ‘Warenwetbesluit Meel en brood mogen meel en brood volkoren worden genoemd, als daarin alle bestanddelen van de desbetreffende graansoort in hun natuurlijke verhouding zitten. Het maakt daarbij niet uit of de ingrediënten al zijn bewerkt of niet. Een brood met alleen volkorentarwemeel mag dus een volkoren(tarwe)brood genoemd worden. In een volkoren meergranenbrood zijn meerdere graansoorten verwerkt, en dan alleen het volkorenmeel van elke soort.

Voorbeeld
Voor de bereiding van een brood gebruikt u meergranenbloem en volkorentarwemeel. U kunt dit brood dan aanduiden als ‘meergranenbrood met volkorentarwemeel’ of  meergranenvolkorentarwebrood. Zo geeft u aan dat er meerdere graansoorten in het brood zijn verwerkt, maar alleen tarwe van volkorenmeel. Om misleiding te voorkomen is het natuurlijk wel zaak dat het tarwevolkorenmeel een kenmerkend bestanddeel is van het brood.
Er is veel discussie over de vraag hoeveel procent van het graan volkoren moet zijn voordat de term ‘volkoren’ gebruikt mag worden. Meestal wordt uitgegaan van een volkorengehalte van minimaal 50 %. In het genoemde voorbeeld mag dus wel roggebloem, maar geen tarwebloem worden gebruikt. Bovendien moet het gehalte aan volkorentarwemeel minimaal 50 % van de totale hoeveelheid granen zijn.

Bakkerswaren en banket
Geldt dit ook voor bakkerswaren of banket? Het Warenwetbesluit Meel en brood is niet van toepassing op bijvoorbeeld ontbijtkoek of biscuit maar ook hier geldt: de consument mag niet misleid worden. Bestaat een product uit zowel volkorenmeel als bloem en noemt u het ‘volkoren’, zorg er dan voor dat het voldoet aan de 50%-regel (waarbij minimaal 50 % van de granen volkoren is). Vermeld ook op voorverpakte producten het percentage volkorenmeel.

Voorbeeld
Bij het bereiden van een volkorenontbijtkoek gebruikt u bij voorkeur uitsluitend volkorenroggemeel. Gaat er daarnaast ook roggebloem in, dan moet ten minste 50 % van de roggebestanddelen uit volkorenroggemeel bestaan. Op de verpakking vermeldt u het gebruikte percentage hiervan op basis van het gewicht van het eindproduct (gebruikt u bijvoorbeeld 120 gram volkorenroggemeel op een ontbijtkoek van 400 gram, dan is dat 30 %).

Dus:
De naam moet duidelijk maken waaruit het product bestaat.
Brood en meel mogen volkoren worden genoemd als alle bestanddelen van de betreffende graansoort er in hun natuurlijke verhouding in zitten.
Voor bakkerswaren en banket geldt ook de 50%-regel om misleiding te voorkomen.

Meer weten voedingsvezel en volkoren, ga naar www.nbc.nl

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels