nieuws

Meesterbakker Voskamp uit Spijkenisse wint AD Oliebollentest

Nieuws

Meesterbakker Voskamp uit Spijkenisse mag zich de beste oliebollenbakker van Nederland noemen. De zaak kwam als beste uit de bus bij de AD Oliebolllentest 2015, schrijft de krant maandag. Er waren dit jaar maar liefst 39 zaken met een 8 of hoger aan elkaar gewaagd. 30 verkooppunten scoorden een 5,5 of lager.

Meesterbakker Voskamp uit Spijkenisse wint AD Oliebollentest
Bedrijvigheid bij Meesterbakker Voskamp na de winst in 2010. Foto: ANP

Volgens de jury krijgt de consument bij Voskamp een ‘topbol’, die het cijfer 10 verdient. ‘Knapperig vanbuiten, luchtig vanbinnen’ en ‘mooie neutrale smaak’, is het panel van het Centrum voor Smaakonderzoek lovend. Vijf jaar geleden had de bakker ook al de beste oliebollen van Nederland. Chef broodbakkerij Arnold Kabbedijk vergelijkt het bakken van de best bol met het bedrijven van topsport. ‘Ook tennisser Federer moet trainen. Dat doen wij dus ook. Er zijn vele honderden oliebollen doorgesneden om de structuur te bekijken. En eindeloos proeven. Overdreven? Vind ik niet’, zegt hij in het AD. Voskamp gaat een extra verkooppunt inrichten vanwege de verwachte topdrukte en verwacht dit jaar meer dan 500.0000 oliebollen te bakken. Hiermee wil hij de problemen die hij kreeg na het winnen van de competitie in 2010 vermijden. ‘Halverwege Oudjaarsdag moesten wij in veel winkels al klanten teleurgesteld naar huis sturen’, vertelt Kabbedijk. ‘Er kwamen mensen uit Enschede die meteen 600 stuks meenamen, voor de hele straat.’ Dit jaar is zijn zaak beter voorbereid, zegt de bakker tegen de NOS. ‘We hebben een extra verkooppunt ingericht en we gaan door met bakken tot de laatste klant met warme oliebollen naar huis gaat.’

Bakkerijen vullen top 3

Opvallend is dat de gehele top 3 uit bakkerijen bestaat en de eerste gebakkraam pas op plek 4 staat. Op plek twee in de test eindigde Bakkerij Olink in Maarssen. Daar krijg je een ‘fantastische oliebol’. ‘Voor je het weet ben je aan de tweede bezig’, aldus de jury. Brood- Banketbakkerij Jan Pieter Duin in Tiel completeert de top-drie met een: ‘Bolletje van wereldklasse. Hier klopt alles. Verrukkelijk’! Het allerslechtst uit de test kwam Gebakkraam Parel in Venlo. Die zaak kreeg slechts een 3 voor de oliebollen. ‘Neem een spons en snijd daar platte stukken van, 6 minuten frituren en je hebt de oliebollen van Parel’, is het niet malse commentaar.

In de top 10 staan verder de volgende bakkerijen.
Plek 6: Bakkerij Vliegendehond in Wolvega. ‘Ivo Vliegendehond laat ook nu weer zien waarom hij wel de beste bakker van Noord-Nederland wordt genoemd’.
Plek 7: Bakkerij Eshuis in Moerkapelle. ‘Een bol waarvoor je terugkomt.’
Plek 9: Oliebollenkraam Restaurant Vroeg in Bunnik. ‘Bakker Mike Onasse maakte deel uit van het Boulangerieteam dat begin dit jaar in Italië een belangrijke prijs won. Hij bewijst zijn vakmanschap nogmaals met een zeer goede oliebol’.
Plek 10: Bakkerij Lorkeers in Nijverdal. ‘Ook hier een oliebol waarover je alleen met lof kunt spreken.’

Stadsbakker

Bakkerswereld-columnist Arend Kisteman van De Stadsbakker in Zwolle behaalde dit jaar een 8. Hij belandt daarmee in de top 30 van de AD-Oliebollentest. Een overwinning op zichzelf, zo laat de bakker weten, die vorig jaar rond de tachtigste plaats eindigde. ‘Top 30! Ik ben nog nooit zo blij geweest met een plek bij de beste 30. Eindelijk is het gelukt’, aldus Kisteman. ‘Kisteman is een van de betere bakkers van Nederland’, meldt het AD, ‘maar met de oliebol wilde het niet lukken. Nu laat hij zien dat hij het wél kan.’
Het AD bezocht voor de test 164 bedrijven. Volgens de krant gaat de gemiddelde kwaliteit omhoog. 133 zaken kregen een voldoende en 39 zaken scoorden minimaal een 8.

Testmethode

Volgens het AD was de testmethode dit jaar anders. Zo werden de oudejaarslekkernijen niet meer anoniem getest en zijn de bollen door meer panelleden geproefd. Gedurende elf dagen werden per dag bij maximaal vijftien bedrijven twintig oliebollen met krenten en/of rozijnen gekocht.

Lees hier de complete uitslag van de AD Oliebollentest 2015.

Reageer op dit artikel