artikel

Verhuur pand aan eigen BV

Dossiers

Wie vanuit een privésituatie een pand verhuurt, heeft verschillende mogelijkheden, waaraan verschillende regelingen hangen.

Wie vanuit een privésituatie een pand verhuurt, heeft verschillende mogelijkheden, waaraan verschillende regelingen hangen.

Indien u vanuit privé een pand verhuurt aan een eigen BV, dan valt dit pand onder de zogenaamde terbeschikkingstellingsregeling. Dat wil zeggen dat de huur en verkoopwinst in box 1 belast wordt tegen het progressieve tarief van maximaal 52%. Wel mag u – vanaf 2010 – gebruikmaken van een speciale tbs-vrijstelling van 12%. Daarmee komt het maximale tarief uit op 45,76%.
Verhuurt u niet aan uw eigen BV maar aan een derde, dan wordt het pand belast in box 3 naar 1,2% over de waarde van het pand (30% heffing over een fictief rendement van 4%). Deze heffing is meestal lager dan de heffing in box 1, maar daar staat wel tegenover dat u in box 3 geen kosten kunt aftrekken.

Ingrijpende kosten
Wat nu als u een pand aanschaft dat nog niet direct door de BV in gebruik wordt genomen? Vanaf welk moment valt het pand dan in box 1? Het antwoord op deze vraag is met name van belang als u ingrijpende kosten gaat maken om het pand gebruiksklaar te maken, of als er tussen moment van aanschaf en ingebruikname het pand meer of minder waard wordt. Bij veel kosten is het voordelig om het pand zo snel mogelijk in box 1 op te nemen, terwijl het bij een waardestijging beter is om het pand voorlopig in box 3 te houden.

In gebruik
Tot voor kort vond de Belastingdienst dat een pand pas in box 1 kon vallen zodra de BV het pand daadwerkelijk in gebruik had genomen. De Hoge Raad heeft nu echter beslist dat een pand ook al eerder in box 1 kan vallen. Namelijk als het pand wordt aangeschaft met de gezamenlijke bedoeling (van de eigenaar én de BV) om deze te verhuren én het pand voor dat gebruik in gereedheid wordt gemaakt. In dat geval valt het pand dus direct in box 1 en mag u de kosten aftrekken.

Schriftelijke overeenkomst
Belangrijk is wel om dit vast te leggen in een overeenkomst. Is er geen schriftelijke overeenkomst dan kan het pand wel in box 1 vallen, maar dan moet uit alle overige omstandigheden blijken dat het pand voor de BV is bedoeld. De aanschaf en het gereedmaken moet dan onder zodanig omstandigheden hebben plaatsgevonden dat dit nooit op die wijze zou hebben plaatsgevonden, zonder instemming van de huurder. Verder mag het pand vanaf het moment van de aanschaf geen andere bestemming hebben gehad.

drs. P.H. Eenhoorn
BDO Belastingadviseurs
 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels