artikel

Man–vrouw firma

Dossiers

Veel familiebedrijven worden in de vorm van een man-vrouw firma gedreven. De werkverdeling is dan vaak zo dat één van de twee de hoofdwerkzaamheden van de onderneming voor zijn rekening neemt, en de partner alle zaken om de onderneming heen (bijvoorbeeld de administratie).

Man–vrouw firma

Veel familiebedrijven worden in de vorm van een man-vrouw firma gedreven. De werkverdeling is dan vaak zo dat één van de twee de hoofdwerkzaamheden van de onderneming voor zijn rekening neemt, en de partner alle zaken om de onderneming heen (bijvoorbeeld de administratie).

Fiscaal kan het aangaan van een man-vrouw firma zeer aantrekkelijk zijn. Ten eerste omdat het belastingtarief voor IB-ondernemers progressief oploopt, afhankelijk van uw winst. Als u de winst over twee personen kunt verdelen, betaalt u minder belasting.
Daarnaast kan een man-vrouw firma voordelig zijn omdat u dan twee keer gebruik kunt maken van speciale ondernemersfaciliteiten zoals de zelfstandigenaftrek (een extra aftrekpost van in 2008 minimaal € 4412 en maximaal € 11.131).
Vanaf 2007 is daar nog een extra voordeel bijgekomen: de MKB-vrijstelling. Deze vrijstelling kan u een tariefsvoordeel opleveren van 5,2 procent. Voor de zelfstandigenaftrek en de MKB-vrijstelling is wel vereist dat u voldoet aan het urencriterium, hetgeen onder meer inhoudt dat u meer dan 1225 uur voor uw onderneming hebt gewerkt. Bij man–vrouw firma’s tellen niet alle werkzaamheden mee voor het urencriterium. Van belang is of:
1. sprake is van een gebruikelijk samenwerkingsverband, dat wil zeggen: zou men ook de firma zijn aangegaan als men niet gehuwd/samenwonend was.
2. voornamelijk ondersteunende werkzaamheden worden verricht.
Wordt aan beide eisen voldaan, dan tellen de gewerkte uren van de ondersteunende partner niet mee voor het urencriterium en kan hij/zij daarom geen recht doen gelden op de zelfstandigenaftrek.
Uit jurisprudentie blijkt dat de Belastingdienst nog wel eens te snel aanneemt dat van ondersteunende werkzaamheden sprake is. Met name als één van de twee partners speciale expertise heeft (opleiding, vergunningen etc.) en de andere partner niet. Zo had bij een bouwbedrijf de vrouw toch recht op de zelfstandigenaftrek, ook al was de man de hoofdondernemer ten aanzien van de feitelijke bouwwerkzaamheden. Van belang daarbij was onder meer dat zij samen de interne bedrijfsbeslissingen namen omtrent investeringen, personeel, het uitbrengen van offertes etc. Ook speelde de vrouw een centrale rol bij communicatie met derden en de handel in bouwmaterialen. Daarnaast verrichtte zij niet alleen administratief werk, maar werkte ook fysiek mee.
Dat de vrouw wel een veel kleiner winstaandeel kreeg (33%) was ook geen belemmering om te constateren dat de vrouw volledig meedraaide: die splitsing was met name toe te rekenen aan het feit dat de man veel meer uren werkzaam was.
Kortom: bij twijfel loont het zeker de moeite om de discussie met de Belastingdienst aan te gaan. Een vastlegging van alle werkzaamheden in een urenregistratie kan u daarbij goed van dienst zijn.

Drs. P.H. Eenhoorn
BDO CampsObers Belastingadviseurs
 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels